Het meisje aan de receptie zoekt voor ons vertrekuren en prijzen op, en de boot zou pas op zondag vertrekken, en vrij duur zijn met de auto. We zien wel, we zijn al genoeg doemscenario's voorgespiegeld geweest om ons nog te laten ontmoedigen.
Eerst nog eens getankt voor 40 CAD, en we zijn weer vertrokken. Alweer onverharde wegen, in slechtere staat dan gisteren, veel putten, stenen en stof, stof stof...
Aanvankelijk een iets opener en weidser landschap, minder bomen ook, af en toe verstoord door een ondiep meertje. Niet zo mooi eigenlijk, het lijkt allemaal een beetje buitenaards.

Apocalyptische landschappen tussen
Labrador City en Goose Bay (foto Stefaan)
Na zo'n 250 km rijden we Churchill Falls binnen, enige stad tussen Labrador City en Goose Bay, en thuis van de grootste ondergrondse powerplant ter wereld. Dit stadje was, anno 1967, niks meer dan een veredelde kampplaats voor de bouwvakkers van de plant. Enkele trailers en aluminium barakken waar ze zich wasten en leefden. Later volgden hun gezinnen en breidde het kamp zich uit tot de stad die het nu is.
Bij het binnenrijden van Churchill Falls, een lampje op het dashboard begint vervaarlijk te knipperen. Het verdict is snel gemaakt, lekkende band, de onderdrukte lucht spuit zich, vrolijk fluitend over de plots verkregen vrijheid, een gehaaste weg naar buiten. Vlug de wagen in om, met de lekkende band zo dicht mogelijk een garage proberen te naderen. Eens goed het stadje binnen, moeten we stoppen, de band is volledig plat.
We slagen er in de band af te nemen en een garage te zoeken, waar een duidelijk stonede 17-jarige (wat moet je ook doen in zo'n godsverlaten stad als deze) ons wijst op het feit dat hij de enige is in de stad die een band kan herstellen, en we leggen hem uit waar we geparkeerd staan.
Enkele ogenblikken later komt hij aangereden, stopt bij ons en vraagt ons, alsof hij ons niet meer herkent, "of wij de jongens zijn met de platte band".
Ja, inderdaad, dat zijn wij. (hoeveel Belgische toeristen met een platte band stoppen er per jaar wel bij hem ?)

Understatement van het jaar : 'al een geluk dat we in
Churchill Falls zijn' (foto Piet)
Ondanks onze twijfels betreffende z'n vakkennis slaagt hij er toch in onze band te herstellen, en na nog wat benzine (40 CAD) en wat eten en drank in te slaan, kunnen we weer vertekken.
Al een geluk dat we hier plat vielen, had het 100 km ervoor of erna gebeurd, stonden we midden in het grote nergens, geen dorpen, geen bewoners, geen telefoons, geen bereikbaarheid per GSM, en slechts om het grote uur een vrachtwagen die voorbij raast. Al bij al een geluk bij een ongeluk dus.
Goose Bay naderend, veranderen het landschap en het weer geleidelijk. De lucht trekt open, er staan dennen in kleine bosjes, in een soort duinlandschap dat de nabijheid van de kust verraadt. Zo'n 100 km voor Goose Bay wordt het weer wat onherbergzamer, en naar het einde van de rit toe, weer de eerste tekenen van beschaving, enkele verloren cabins, eenzaam en quasi onbereikbaar in de bossen, langs de weg.
Rond kwart voor negen komen we aan in Goose Bay, en we huren een lodge tot zondag, bij 'Goose Bay Lodges'. (324 CAD voor drie nachten).

De tol van knellende schoenen, in de
boosheid volhardende supermuggen
en twee dagen in de auto langs on-
verharde wegen (foto Piet)